Missen

Vorige week vrijdag hebben we onze konijntjes naar konijnenopvang Flappus in Zwolle gebracht, die een passend tehuis voor ze gaat zoeken. Ik mis ze verschrikkelijk. Gisteravond heb ik foto’s en filmpjes zitten kijken, die we in een ontelbare hoeveelheid hebben gemaakt om alles van de konijntjes zoveel mogelijk vast te leggen. Dat maakte het gevoel van missen echter niet minder. In tegendeel het vervulde me met een droevige melancholie en weemoed.

Iets dergelijks overkwam mijn vriendin die in januari een herseninfarct heeft gehad en nu weer thuis woont. We waren in gesprek toen haar blik ineens op een cadeau viel dat we haar hadden gegeven: een bon voor een nostalgisch verrassingsweekend. Opstandig zei ze: ‘die bon moet weg, er is niets nostalgisch meer, dat is voorbij.’ De herinneringen aan een vrolijk, ongedwongen verleden waren te pijnlijk in contrast met het heden. Een pijnlijk besef dat het nooit meer zo wordt als het was, terwijl dat wel je diepste wens is. Dat is denk ik missen.

Missen heeft te maken met vasthouden aan een dierbaar verleden. Alles verandert voortdurend, maar als je iets of iemand mist wil je die verandering niet accepteren. Je wil dat alles bij het oude blijft. Mensen die gemakkelijk loslaten zullen minder missen denk ik. Zij zien eerder de nieuwe mogelijkheden die de verandering biedt en zijn dankbaar voor het moois dat hen ten deel is gevallen.
Toen ik boodschappen ging doen voor mijn vriendin kocht ik een bos zonnebloemen. ‘Voor een zonnige toekomst,’ zei ik tegen haar, ‘en die gaan we samen creëren.’ Als verleden en heden te pijnlijk zijn, richt je dan op de toekomst. Kijk of er nog iets moois voor je in het verschiet ligt. Het was het enige dat ik als troost kon bedenken.
De kleine konijntjes hebben me ontzettend veel vreugde gegeven. Ik vond het zo heerlijk als ze hun zachte, warme lijfjes tegen me aanduwden om geaaid te worden of als ze nieuwsgierig aan mijn voet snuffelden. Ik genoot ervan als ze acrobatische capriolen uithaalden, als ze luchtsprongetjes van vreugde maakten en als een dolle de trap op renden, ik vond het grappig als ze op de vensterbank zaten en naar buiten keken en ze als een grote kluwen konijnlijfjes onder een klein krukje lagen, ik genoot zelfs van ze als ze aan de trap knaagden of op de keukenvloer plasten. Ik vond het heerlijk om te zien dat ze zich op hun rug gooiden, iets wat een konijn alleen doet als hij zich heel blij en veilig voelt. Ik voelde vreugde als ze elkaar wasten, over elkaar heen sprongen of lekker lui gingen liggen.

We hadden onze keuken – tot afschuw van sommige vrienden die het maar een vieze bende vonden – omgetoverd tot een waar konijnenparadijs met dozen om in te schuilen of op te springen, lekkere warme dekentjes, hout om aan te kluiven en geurig hooi. Iedere ochtend sneed Frans een sappige wilgentak van de boom en legde die op de grond in de keuken. Het was zo leuk om te zien hoe gezellig ze er met z’n allen van knabbelden; één gezellige konijnenfamilie.

Natuurlijk begreep ik ook wel dat dit idyllische tafereel niet eeuwig kon duren. De konijntjes groeiden als kool en bij het boodschappen doen werden mijn fietstassen grotendeels gevuld met verse andijvie, witlof en bospeen. Ook kocht ik potjes peterselie en basilicum die ze tot aan de grond toe afknaagden. De keutels werden steeds groter en talrijker. Het hok was ‘s ochtends gevuld met een flinke laag, stinkende urine. Ik was veel tijd kwijt met schoonmaken. Het was erg vermoeiend dat ik telkens als ik de deur open deed moest opletten dat ze niet ontsnapten. En natuurlijk, waar veel mensen me lachend aan herinnerden, dat het niet lang meer zou duren voor ze geslachtsrijp waren en elkaar zouden gaan bevruchten.

Nu ik zoveel liefde en aandacht in ze had gestoken wilde ik maar één ding: dat ze een gelukkig leven zouden krijgen. Stichting Flappus bood hiervoor de beste garantie. Konijnenopvang Flappus heeft ruime kennis en ervaring met het plaatsen en koppelen van konijnen én niet onbelangrijk een landelijk dekkend netwerk. Ze vangen alle dieren op die op de één of andere manier niet bij hun baasjes kunnen blijven, ook degenen die ergens zijn achtergelaten of die zijn verwaarloosd en zorgen ervoor dat ze een fijn nieuw tehuis krijgen met een kameraadje, ruimte en goede zorg.

Onze Ceasar heeft al een fijn plekje gevonden in een grote ren samen met vijf andere konijnen en heel lieve baasjes. Voor zijn zeven zusjes hoop ik dat ook zij spoedig een fijn thuis vinden. Ja, Lana heeft acht kleine vrouwtjes gebaard (Ceasar is ook een vrouwtje). Een unicum in de konijnenwereld.

Ik houd van bijna alle dieren, maar konijnen met hun sociale, zachtaardige karakter passen het best bij mij. Over honden moet je de baas spelen, ze moeten luisteren en doen wat  je zegt en dat spreekt me niet zo aan. Ik val meer voor het eigenzinnige, autonome karakter van een poes, die alleen bij je komt omdat zij het wil. Maar een poes is een roofdier en dat vind ik dan weer minder. Ik houd van het speelse, ondernemende en nieuwsgierige van een konijn. Ze zijn vriendelijk, tenzij ze zich in het nauw gedreven voelen, dan kunnen ze verrassend sterk uit de hoek komen. Misschien lijk ik wel op een konijn en spreken ze me daarom zo aan.

Als ik thuiskom van het bezoek aan mijn vriendin is de keuken leeg en kaal. We hebben de vloer uitbundig gesopt en op de plaats van het hok staat nu weer een tafel met vier stoelen. Op de koelkast hangen de foto’s van de verschillende konijntjes met daaronder hun namen: Ceasar met zijn bruine hoofdje, Twinnie met het vlekje op de neus, kleine, bruine Lucca, witgrijze Snow met witte puntjes op haar oren, relaxte Lazy, ondernemende Jumpy, voorzichtige Tommie en Stripe met het streepje op haar neus. Ik ben er nog niet aan toe ze weg te halen.

Missen en houden van zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Je mist iemand die je dierbaar is. Iemand waar je een hekel aan hebt kun je missen als kiespijn. Soms mis je iets pas als het er niet meer is, zoals je gezondheid. Je denkt niet voortdurend: wat fijn dat ik kan lopen, maar als je het ineens niet meer kunt, mis je het enorm.
Ik hou van de konijntjes. Ze zijn me dierbaar en de consequentie is dat ik ze mis. Alleen de foto’s en de afgeknaagde kozijnen en deurposten zijn als tastbare herinnering achtergebleven aan deze vreugdevolle periode die ik voor geen goud had willen missen.

Mocht je een goed doel willen steunen, doneer dan aan Stichting Flappus. Of verwijs naar hen door als iemand een konijn zoekt.

 

Eén reactie

Geef een reactie