Op pad met Esther

Toen ik van de zomer een aantal dagen met Huub  naar de wadden eilanden ging, had ik Esther beloofd om ook met haar een leuk uitstapje te maken. Het zou de eerste keer zijn sinds haar herseninfarct dat ze zonder Huub op reis zou gaan. Daarom besloten we een niet al te uitdagende trip te maken en kozen we voor ons uitstapje bestemming Oranjewoud in Friesland.
Esther attendeerde me op een hotel met een invalide kamer, zodat ze zelfstandig zou kunnen douchen, naar het toilet kon en in en uit bed kon komen. Met een ernstige beperking is niets meer vanzelfsprekend, toch is er met een beetje creativiteit nog veel mogelijk.

Toen ik in Deventer aankwam kreeg ik van Huub een demonstratie elektrische rolstoel demonteren en weer in elkaar zetten. Voor de zekerheid had hij het proces ook gefilmd zodat ik het ter plekke  rustig kon bestuderen, mocht het niet direct lukken. De elektrische rolstoel was namelijk een essentieel onderdeel van de reis met Esther. Zonder rolstoel kwamen we nergens.
Het viel me tegen hoe zwaar de wielen waren. Die kon ik met mijn lymfeoedeem arm beter niet tillen. Ook het frame van de rolstoel was te zwaar en onhandig voor mij om in de kattenbak van onze auto te leggen. Ik zou de hulp van het hotel moeten vragen om de rolstoel uit en weer in de auto te krijgen. Esther is gelukkig heel assertief en had dit via een mailtje al snel geregeld.

Huub legde de gedemonteerde rolstoel voor mij in de auto. De woonkamer stond vol met extra hulpmiddelen die mee moesten, zoals de vierpoot om een paar passen te kunnen lopen, het douchematje, de bedbeugel, de oplader voor de rolstoel, diverse kussens en een rolstoeltas.
Esther had er zin in, maar was ook gespannen. Zou het allemaal goed gaan? Ik vond het vooral fijn om dit samen, als twee vriendinnen, te kunnen ondernemen en ik was benieuwd wat we onderweg samen zouden beleven.

We beginnen de dag met een smakelijk ontbijt en een goed gesprek over waardevol leven. Het valt niet mee als je van de één op de andere dag te maken krijgt met ernstige beperkingen en afscheid moet nemen van veel dingen die je zo graag deed en die je waarschijnlijk nooit meer zal kunnen doen. Het kost tijd dat te accepteren. Het vergt moed en doorzettingsvermogen je leven opnieuw vorm te geven. Onzekerheid en schaamte spelen een rol. Hoe zien anderen jou nu je gehandicapt bent? Ben je nog waardevol en van betekenis voor anderen? We kwamen tot de conclusie dat je niet waardevol bent om wat je doet of kunt, maar om wie je als persoon bent.

Rustig keuvelend tuffen we richting Heerenveen. We hebben moeite de ingang van het hotel te vinden. Ik parkeer de auto op de invalidenparkeerplaats en Esther plaatst de invalidekaart voor het raam. Het is voor mij maar een klein stukje van de parkeerplaats naar de ingang van het hotel, maar voor Esther is het een ware work-out. Ze hijst zich uit de auto omhoog en grijpt de vierpoot die ik voor haar heb klaar gezet. Stapje voor stapje slingert ze haar been en de vierpoot vooruit richting ingang. Het is voor haar een flinke inspanning en we grappen dat ze de fysio voor vandaag al achter de rug heeft. We hebben even een spannend moment als de schuifdeuren sluiten als Esther net de drempel over gaat, ze komt bijna klem te zitten tussen de deuren, maar gelukkig gaan deze ook snel weer open.

Bij de incheckbalie horen we dat onze kamer nog niet klaar is, maar dat ze dat zo snel mogelijk proberen te fixen en dat er rond twaalf een jongen met flinke spierballen zal verschijnen die ons kan helpen om de rolstoel uit de auto te halen.
Na een bezoek aan het invalidentoilet heeft Esther voldoende energie verzameld om met de vierpoot naar het restaurant te lopen. We nemen het eerste de beste tafeltje dat we tegen komen en bestellen cappuccino met gebak. Daarna wandel ik naar de balie en vraag aan de jongen die daar zit of hij sterke spierballen heeft. Hij kijkt me bevreemd aan. Ik vraag of hij me wil helpen om een rolstoel uit de auto te tillen. Behulpzaam wandelt hij met me mee. Ik probeer me zo goed mogelijk te herinneren hoe de rolstoel in elkaar gezet moet worden. De jongeman is rustig en heeft een goed technisch inzicht. Met zijn hulp lukt het vrij gemakkelijk om alle onderdelen in elkaar te passen.
Als ultieme test neem ik plaats in de rolstoel en zet hem aan. Het schermpje springt op groen, ik beweeg de knop naar voren en daar ga ik. Onwennig zigzaggend steek ik de parkeerplaats over, met een rotvaart rol ik het hotel binnen en beweeg me gierend van de lach langs obstakels in het restaurant. Gasten kijken me verbaasd aan. Ik vind het fantastisch om met de rolstoel rond te rijden, maar dat komt natuurlijk alleen omdat ik eruit kan stappen als ik er genoeg van heb. Esther ziet me aankomen rollen en ligt ook slap van het lachen. Ik sta op en zij neemt plaats in de stoel.

Hoewel de kamer klaar is en ik verwacht had dat Esther zou willen rusten, kiezen we voor een wandeling. De rolstoel kan zes kilometer per uur en ik moet flink aanpikken om dat tempo bij te benen. Landgoed Oranjewoud bestaat uit een fraai aangelegd park met oude bomen, bruggetjes, vijvers en statige lanen.
In een weiland zie ik een groepje grijsbruine dieren staan en liggen. Ik herken ze als herten. Maar mijn hersenen zeggen tegen me dat ik me vast vergis en dat het wel koeien moeten zijn. Een kudde koeien in een weiland dat is logischer dan een grote verzameling reeën. Maar als we dichterbij komen, zien we aan de smalle kopjes die ons nieuwsgierig bekijken dat het toch echt om herten gaat. Een groep van zo’n dertig herten; sommige liggen te herkauwen, anderen staan te grazen in de wei, een aantal staat verscholen tussen de bomen en slaat ons nieuwsgierig gade.

We hebben een vrij recht pad uitgekozen. Er waait een stevige herfstwind en wanneer het ook nog begint te miezeren lijkt het me tijd om snel terug te keren naar het hotel. Het idee was om een blokje om te lopen, maar dat bleek alleen mogelijk met een grote boog om de snelweg heen. Dus werd het dezelfde rechte weg terug. Ik kon mezelf wel warm lopen, maar Esther zat te verkleumen in de rolstoel. Regenponcho en fleecedeken waren we vergeten mee te nemen. Shit. Ik hoopte dat we niet zeiknat zouden regenen. Voor mijzelf vond ik dat niet zo erg, maar ik wilde niet dat Esther onderkoeld zou raken. Het bleef gelukkig bij wat motregen.
Rond half drie waren we terug bij het hotel. Slapen of lunchen vroeg ik aan Esther? Het werd lunchen. Bij een grote mok thee en een tosti warmden we weer wat op en postte Esther ons vreemde wandelrondje op Strava: twee rechte lijnen in een hoek van negentig graden. Toch mooi een ruime vijf kilometer afgelegd.
Het was inmiddels vier uur en hoog tijd voor een middagdutje. Maar hiervoor moest eerst het bed voor Esther worden geprepareerd. Ik worstelde met het in elkaar zetten van de bedbeugel waar Esther zich aan op moest trekken om uit bed te kunnen komen. Ik besloot niet teveel tijd te verspillen en de hulp van de bedachtzame jongeman met de spierballen in te roepen. Dit bleek een goede zet. Rustig en bekwaam bekeek hij het karwei en even later lag Esther lekker in bed te pitten. Ik had van tevoren  allerlei dingen bedacht die ik zou kunnen doen als Esther in de middag zou rusten. Zelf een dutje doen hoorde daar niet bij, maar is het uiteindelijk wel geworden. Rond zes uur ging de wekker en schoten we allebei wakker uit een verkwikkende slaap.

Om half zeven had ik restaurant De Oranjetuin gereserveerd. We kregen eerst diverse amuses van het huis en toen Esther het voorgerecht op had, vroeg ze zich af of ze nog wel ruimte had voor een dessert en moest ik haar eraan herinneren dat er eerst nog een hoofdgerecht zou komen. Er zat ruimschoots tijd tussen de gangen dus uiteindelijk kwam het helemaal goed en namen we toch nog een dessert en ook nog een afsluitende kop thee. Het was rond een uur of tien dat we onze hotelkamer opzochten. We hadden gepraat over onze jeugd en de opvoeding die we hadden gekregen, onze ouders en hoe dat onze keuzes in het leven had beïnvloed. Aan het eind van de avond kwam er een wat oudere man bij ons tafeltje staan. Het bleek de directeur te zijn en hij wilde graag weten of alles naar wens was of dat hij nog dingen kon verbeteren. Zeker ook gezien vanuit het standpunt van een minder valide.

Het was een gezellige avond. Het voelde vertrouwd met Esther. In bed kletsten we als twee giechelende tienermeisjes op een zomerkamp. Telkens als één van ons wilde gaan slapen, begon de ander weer te kletsen.

Esther had ’s nachts liggen brainstormen over wat er allemaal beter kon in het hotel vanuit het gezichtspunt van een minder valide. Toen ze de directeur beneden in de hal zag staan, trok ze hem aan het jasje en demonstreerde hem wat lastig was (toiletrol te ver weg om te kunnen gebruiken, geen stang om de deur dicht te trekken, douche te ver weg). Ze gaf ons een korte cursus bewustworden waar je als minder valide tegenaan loopt. Ik zie mogelijkheden voor haar om zich hier maatschappelijk voor in te zetten. Ze is mondig en zit boordevol creatieve ideeën (tijdschrift voor mensen met een beperking) en verbeterpunten. Misschien kan het haar helpen om zin en betekenis te geven aan wat haar is overkomen, tenslotte kun je dit alleen doen als je zelf ervaringsdeskundige bent.

Bij het ontbijtbuffet vond ik het vreemd dat er nergens opscheplepels lagen en dat je de broodjes of kaas met je handen of gebruikte bestek moest oppakken. Bleek dat iedereen bij de ingang een eigen tang had gekregen, maar die hadden wij dus gemist….

We wandelden de kleine twee kilometer richting museum Belvedere. Aandachtspunt was dat de batterij van de rolstoel bijzonder snel terugliep. Ik had de accu gisteren wel opgeladen toen we een dutje deden, maar dat was blijkbaar niet genoeg geweest. De terugweg zou spannend worden, maar dat was van latere zorg. Eerst lekker genieten van de kunst in het museum.
Het museum ligt mooi ingepast in het Friese landschap en hangt bijna boven het water. In de tuin staan beelden die indruk op ons maakten. De entree was nog even een dingetje. We waren een uur te vroeg. Voor ons werden mensen zonder pardon teruggestuurd. ‘Komt u vanmiddag maar terug, we zitten nu vol.’ ‘Nee, er zijn geen kaartjes meer te koop.’
Toen ik terugkwam van het toilet zag ik Esther net bij de controle staan waar een dame haar de tickets teruggaf. ‘Hoe heb je dat gefikst?, vroeg ik, terwijl we snel het museum inliepen voor ze zich zouden bedenken. ‘Beetje zielig doen’, antwoordde ze met een glimlach. ‘Heel af en toe kan een beperking ook handig zijn’, zei ze. ‘Daar moet je gewoon gebruik van maken’, stemde ik met haar in.

Het was lang geleden dat ik in een museum was geweest. Ik genoot ervan. Er waren schilderijen van de wadden, landschappen met mystieke bloemen, kleurige schilderijen die met een paar vegen een landschap uitdrukten, het project nachtfoto’s en tekeningen en schilderijen van dieren. En indrukwekkende beelden van hout, brons en glas.

Buiten scheen ineens de zon en op een bankje genoten we van een appeltje en de omgeving. Om de batterij te sparen rolden we heel langzaam terug naar het hotel. Nog even genieten van de zon op het terras met een kroket en een kop soep en dan is het tijd om huiswaarts te keren. We hadden het goed uitgekiend de batterij stond al op de reservestand, maar deed het nog net. De vriendelijke jongeman hielp me weer met het demonteren en inladen van de rolstoel en toen begaven we ons in de vrijdagmiddag file naar huis. De GPS stuurde ons via de meeste kleine binnenwegen van Friesland, Drenthe en Overijssel om de file zoveel mogelijk te omzeilen. Of dit veel tijd scheelde weet ik niet, maar het was in ieder geval geografisch leerzaam. We kwamen door allerlei onbekende dorpjes en buurtschappen, liepen vast op wegonderbrekingen, zaten kilometers lang achter landbouwmachines en tractoren en kwamen uiteindelijk toch nog vast te staan door verkeersdrukte. Hongerig, moe en voldaan bereikten we uiteindelijk Deventer. We sloten af met een maaltijd van de afhaal Chinees.

Het uitstapje met Esther is me goed bevallen. Het was gezellig als vanouds. Het was vertrouwd en fijn weer samen op pad te gaan. En daarmee is voor mij bevestigd dat het er niet om gaat wat je kunt of wat je doet, maar wie je bent als vriendin, als moeder, als partner, als uniek mens. Op naar het volgende uitstapje!

 

Eén reactie

  1. Oh Dorothé, wat heb je obs uitstapje mooi en lief verwoord ik vond het ook heerlijk en ben je dankbaar voor de mooie gesprekken en het gezellige en fijne uitje.
    Liefs Esther

Geef een reactie