Hyperbare zuurstoftherapie

Donderdag 8 oktober ben ik – onder aanmoediging van mijn oncoloog en mijn huisarts – begonnen met hyperbare zuurstoftherapie. Iedere werkdag verblijf ik met acht lotgenoten van half twee tot half vier in een grote, ronde tank om pure zuurstof in te ademen. Als iedereen heeft plaatsgenomen in de ruime stoelen sluiten de zware deuren en wordt de cabine op druk gebracht. In tien minuten tijd wordt de druk opgebouwd naar 1,5 bar; dat komt overeen met 15 meter onder water. We proberen onze oren te klaren door op snoepjes te sabbelen, kleine slokjes water te drinken en door onze neus te blazen. Dan zetten we allemaal ons masker op en kijken film, lezen een tijdschrift of puzzelen wat. Alleen in de korte pauzes kunnen we even kletsen. Er zijn vier sessies van 20 minuten met telkens vijf minuten pauze, daarna wordt in tien minuten de druk in de cabine weer afgebouwd.

DSCN5107

De eerste keer in de tank vond ik best eng. Ik vond het een naar idee dat je er niet zomaar uit kan als er iets gebeurt en ik was bang dat ik mijn oren niet goed zou kunnen klaren. Gelukkig bleek dat bij mij geen probleem. Bij mijn buurvrouw is helaas het trommelvlies geknapt en mijn overbuurvrouw heeft buisjes gekregen om het probleem met klaren te verhelpen. Toen het masker voor het eerst bij mij werd opgezet, dacht ik dat ik zou stikken en voelde ik een lichte paniek opkomen. Het masker zoog vacuüm en daarom kreeg ik geen lucht binnen. Ik plaats het masker nu iets hoger op mijn gezicht, zodat mijn neus vrij is. De ene keer gaat het ademen makkelijker dan de andere keer. Het ademen door het masker vergt meer kracht dan een normale ademhaling en na een aantal keren had ik echt pijn aan de spiertjes van mijn ribben. Ik probeer zo rustig mogelijk te ademen, maar soms merk ik toch dat ik aan het hyperventileren ben. Ik ben niet de enige, iedereen heeft last van deze kwaaltjes en ik ben erachter gekomen dat de meeste rustgevende druppels innemen voor ze de tank ingaan.

Een goede film leidt de aandacht af van het ademen. Helaas is de beeldkwaliteit van de monitor heel slecht en moet ik echt moeite doen om de film te kunnen volgen. Meestal zijn het ook nog eens hele slechte films. Iemand had een spannende serie meegenomen, maar op de één of andere manier klopte de volgorde niet en keken we eerst naar aflevering drie, dan naar aflevering tien en tenslotte naar aflevering vier. Er was geen touw aan vast te knopen. The Kings Speech is een mooie film, maar boet aan kwaliteit in als deze super Engelse film in het Frans is nagesynchroniseerd. Het geeft wel hilarische effecten.

In tegenstelling tot mijn medetankgenoten die allemaal met de taxi komen, heb ik tot nu toe de meeste keren zelf gereden en dat ging best goed. Vanaf heden zal dat niet meer gaan, want mijn ogen zijn plotsklaps ernstig achteruit gegaan. Ik dacht eerst dat er iets mis was met onze televisie, want het beeld was zo onscherp, maar toen ik uit het raam keek en de supergrote gevelletters van mijn overbuurvrouw niet meer kon lezen, wist ik dat het echt aan mijn ogen lag. Een bekende, tijdelijke bijwerking. Ik leef nu in een in alle opzichten wazige wereld. Niet alleen mijn ogen laten mij leven in een mistige omgeving, ook mijn hersenen doen daar aan mee in de vorm van concentratiegebrek en verminderd geheugen. Ik heb grote moeite om logisch na te denken. Ook een bekend verschijnsel, zo blijkt bij navraag in de tank. Medetankgenoten hebben het hele huis vol briefjes hangen om maar niets te vergeten en kunnen nauwelijks nog een boodschappenlijstje produceren of bedenken wat ze zullen eten.

Ik ben zelf erg geschrokken van mijn conditionele achteruitgang. Sprong ik in het begin van de behandeling nog even snel op de fiets om wat boodschappen te doen, kon ik voorzichtig weer wat joggen en toch zeker twee uur wandelen, nu ineens haal ik met moeite het Slingeland ziekenhuis. De eerste keer overviel het me met wandelen, zomaar ineens kreeg ik pijn op de borst, knikkende knieën en duizelde mijn hoofd alsof er een tornado inzat. Ik moest op een bankje uitrusten voor ik weer verder kon. Het voelde echt helemaal niet goed. Ik dacht nog even dat ik misschien te weinig had gegeten, maar dat was het ook niet. Toen het een paar dagen later weer gebeurde ben ik langs het ziekenhuis gewandeld en is er een hartfilmpje gemaakt en bloed geprikt. Ze hebben niets afwijkends kunnen vinden en ook de hartscan, die de pompfunctie van het hart meet, was prima. Volgens mijn oncoloog ben ik kerngezond. Deze mededeling gaf wel even een boost, maar verandert er niets aan dat ik me bij tijd en wijle erg beroerd voel. Ik heb moeite deze extreme vermoeidheid te accepteren net nu het allemaal zo lekker ging. Het verschil met een paar weken geleden is gigantisch groot en ik maak me zorgen of ik ooit nog wel terugkom op mijn oude niveau. Als ik een trap oploop ben ik doodmoe, als ik een klein stukje wandel zak ik bijna in elkaar. Dat kan toch niet goed zijn, zo redeneer ik in mezelf, maar in het ziekenhuis halen ze er hun schouders over op.

Vorige week stond ik op het punt om te stoppen met de hyperbare zuurstoftherapie, maar de arts wist me toch over te halen om door te gaan. Ik ben met negentien behandelingen bijna op de helft en dan pas begint de behandeling zijn vruchten af te werpen. Vanaf twintig keer begint het te werken, het lichaam gaat dan nieuwe bloedvaatjes aan leggen. Vanaf dertig keer krijg je echt profijt van de behandeling, maar voor het echt goede resultaat moet je door tot de veertig. Nu stoppen betekent eigenlijk dat de behandeling voor niets is geweest.

In de tank zitten allemaal mensen die al veel hebben meegemaakt. Veel vrouwen met borstkanker die heftige klachten hebben overgehouden aan de bestraling. Sommige daarvan kregen pas tien jaar na de laatste bestraling klachten. De zuurstoftherapie moet het weefsel in het bestraalde gebied herstellen. Hoe eerder je ermee start, des te beter het eindresultaat. Tegenover me zit een oudere man die er slecht aan toe is. Hij is gekoppeld aan een infuus en een plaszak, die zich gedurende de sessie vult met een bloederige substantie. De eerste keer geinden we nog: ‘nou die plaszak zal wel worden afgekoppeld, want straks spat die onder invloed van de hoge druk kapot en spletst de inhoud  door de hele tank.’ Maar tot onze verbazing ging de oude man met infuus en plaszak de tank in. Dat verraste iedereen, want we worden echt aan strenge eisen onderworpen voor we de tank in mogen. Zo mag je geen medicijnen, eten, mobieltjes, tablets of e-readers mee naar binnen nemen. Zelfs een pen is verboden. In verband met het brandgevaar moet je kleding uit minimaal 85% katoen bestaan en mag je geen crème, make-up, bodylotion, haargel of deodorant gebruiken. Ook mensen met een pruik of gehoorapparaat mogen er niet in.

Als ik me niet zo beroerd zou voelen, zou ik het een interessante ervaring noemen. Hoewel je elkaar nauwelijks spreekt, krijg je toch een band met de mensen in de tank. Je ziet elkaar tenslotte dagelijks en brengt 80 uur samen door in een kleine ruimte. Morgen begeleidt Frans me naar de tank voor de 20e keer. Afgelopen vrijdag had ik een zwelling aan mijn oog die ze niet vertrouwden en mocht ik de tank niet in. Er werd een afspraak gemaakt bij de oogarts om te checken of ik geen verhoogde oogdruk (glaucoom) had en of mijn netvlies door de hoge druk geen schade had opgelopen. Dat bleek gelukkig niet zo te zijn. Mijn ogen waren sterk geïrriteerd en ik kreeg een beschermende gel voorgeschreven, die mijn ogen zal beschermen tegen de zuurstof die uit het masker lekt. Ik moest ook nog een leestest doen, maar daar bakte ik niets van. Ik zag een N voor een H aan en dacht een B te zien terwijl het een S was. Ik gokte maar wat. Als het goed is herstelt mijn zicht weer na de zuurstoftherapie.

Komende week rijden een paar lieve vrienden me naar Arnhem, voor de weken daarop ben ik taxivervoer aan het regelen. Het taxivervoer wordt vergoed door de zorgverzekeraar. Alleen ben je er best veel tijd mee kwijt, want het is groepsvervoer en je moet een kwartier voor tijd klaar staan en als je te laat bent rijden ze gewoon weg. Dat overkwam een tankgenoot die even naar het toilet was, toen de chauffeur kwam.

Nog 21 keer in de zuurstoftank. Ik hoop dat ik het volhoud en me niet nog beroerder ga voelen. Ik heb er helemaal geen zin meer in om zo moe te zijn en vind het lastig om de moraal hoog te houden. Mijn lichaam heeft genoeg van alle behandelingen. Het wil rust en leuke dingen doen. Ik snak naar het einde van het traject. Vandaag weer een nieuwe immuunkuur gekregen. Nog drie te gaan. De allerlaatste keer is vandaag gepland: twaalf januari om half tien. De verpleegkundige had een grappig vlaggetje getekend op mijn afsprakenkaartje, ten teken dat dat de allerlaatste behandeling is.

Eén reactie

  1. Hey lieve Dorothe……het voelt verdrietig om te lezen dat je t nu zo ‘zwaar’ hebt…….en ik kan me voorstellen dat het jou ook wat moedeloos maakt en bevreesd. De kaart met de vallende ster die ik je vandaag stuurde en waarop ik schreef dat na de herfst en de winter zeker ook weer de lente komt……….sluit mooi aan bij hoe het nu in je leven gaat.
    Ik denk aan je lieverd, stuur je (als ik het niet vergeet) liefde, moed en genezing.

    Liefs en sterkte.
    groetjes miss sunshine

Geef een reactie