Tennis

Op mijn veertiende kwam er in ons dorp een tennisbaan. Het was zo’n beetje het enige wat je als puber kon doen in ons dorp, dus werd ik lid van de tennisclub en leerde ik tennissen. Het begin vond ik lastig, maar toen ik de slag eenmaal te pakken had werd ik steeds fanatieker. Ik deed mee met de clubkampioenschappen en speelde competitie. Ik ben altijd blijven tennissen, al werd ik in de loop der jaren minder fanatiek. In Doetinchem speelde ik al jaren met een vast clubje dames op de maandagavond. Daar ben ik mee gestopt toen ik de diagnose borstkanker kreeg en ik moest worden geopereerd aan mijn borst, waarbij ook de lymfeklieren van mijn rechterarm zijn weggehaald.

Ik had me al verzoend met het idee dat ik nooit meer zou kunnen tennissen met mijn arm. Ik had het voorzichtig een keertje geprobeerd, maar toen was de arm warm en dik geworden. Ik wilde niets forceren en het risico op een lymfoedeem arm zoveel mogelijk vermijden. Ik zei tegen mezelf dat ik prima kon leven zonder tennis. Er bleven immers genoeg leuke dingen over. En ik was blij dat ik me weer steeds fitter en energieker ging voelen. Dus fietste ik op een maandagavond naar de tennisclub om mijn vaste tennismaatjes te informeren dat ik niet meer zou gaan tennissen, omdat ik het risico op verslechtering van mijn arm niet wilde lopen. We lunchten nog een keertje gezellig met z’n allen en daarmee eindigde dan mijn ‘tenniscarrière’.

Toch begon het weer te kriebelen. En voor ik het zelf in de gaten had, appte ik één van de tennismaatjes of ze een keertje met mij wilde tennissen om uit te proberen of ik het nog zou kunnen met mijn arm. We begonnen met mini-tennis, waarbij we maar een klein deel van de baan gebruikten en elkaar heel zacht de bal toespeelden. Ik was nog heel voorzichtig en voelde ieder trekje en pijntje in mijn arm, maar ik raakte de bal verrassend goed. Het was net of ik vorige week nog had gespeeld in plaats van twee jaar geleden. We hadden rally’s van wel dertig keer en al snel hijgde ik als een paard van de inspanning. Mijn conditie was nog minimaal. Ik had niet verwacht dat ik er zo van zou genieten om weer op de tennisbaan te staan. Het heerlijke gevoel als je de bal goed raakt en deze als vanzelf over het net vliegt. We spraken snel nog een keer af. Ik wilde een paar keer spelen en dan beslissen of ik lid zou blijven van de tennisclub of dat ik echt definitief zou stoppen.

De tweede keer kwam ik net terug van vakantie. Ik voelde me krachtig en vol energie en ik speelde al snel bijna voluit. Ik durfde weer echt te slaan en dacht nauwelijks aan mijn arm. Het ging bijna weer als vanouds. Na twintig minuten merkte ik dat ik moest stoppen. Mijn arm werd dik en zwaar. Nu werd het spannend. Hoe snel zou de arm herstellen? Hoeveel last zou ik krijgen van het tennissen? Thuis gekomen was mijn steun en toeverlaat Frans er om mijn arm zachtjes te masseren en de huidlagen los te maken, zodat het vocht makkelijker kan worden afgevoerd.  Het heeft geholpen. Na een dag was de arm weer hersteld! Daarom probeer ik nu iedere week een half uurtje te tennissen. We bouwen het langzaam op. Serveren en hoge ballen lukken nog niet. Maar wauw wat vind ik het gaaf dat ik weer een beetje kan tennissen. Het begin is er.

Eén reactie

Geef een reactie